Blindeninstituut mag contract met cliënt opzeggen
(Novum) - De ouders van een visueel gehandicapte vrouw van wie het zorgcontract was opgezegd door zorginstelling Bartiméus hebben bot gevangen bij de rechtbank in Utrecht. Ze hadden in een kort geding geëist dat de opzegging zou worden teruggedraaid.
De voorzieningenrechter stelt vrijdag dat er 'gewichtige redenen' waren om de overeenkomst op te zeggen. Die zijn vereist om een zorgovereenkomst op te mogen zeggen. Verder ligt herstel van de verstoorde vertrouwensrelatie tussen de ouders en de instelling volgens de rechtbank niet in de lijn der verwachting. Ook heeft Bartiméus 'voldoende zorgvuldig' gehandeld in de aanloop naar de opzegging.
De meervoudig gehandicapte dochter woont sinds 1987 in een huis van Bartiméus. Ze is ernstig slechtziend en kampt verder onder meer met motorische beperkingen. In maart 2004 verhuisde ze naar een andere woongroep, waarna de instelling en de ouders het aan de stok kregen over de aard en de omvang van de zorg en de ondersteuning van hun dochter.
Talloze klachtenprocedures en bemiddelingspogingen leverden geen resultaat op. Ook de Inspectie voor de Gezondheidszorg boog zich over de situatie. Die stelde vast dat er een diepe vertrouwenskloof was ontstaan tussen de ouders en woonbegeleiders.
De vrouw woonde sinds juni vorig jaar weer bij haar ouders na een medische ingreep aan haar ogen. Wel maakte ze nog gebruik van de dagbesteding en de fysiotherapie van Bartiméus. In juli volgde een gesprek over de gewenste terugkeer. Toen maakte de instelling duidelijk dat een eventuele terugkeer voor veel onrust en emotie zou zorgen bij de groepsleiding.
- meest gelezen binnenland
- buitenland
